Hoofdstuk 5: Placebo-effect
Een placebo is een middel, therapie of behandeling dat geen specifiek effect heeft op de klachten en kwalen. Placebo’s hebben alleen een gunstige invloed wanneer ze worden toegediend waarbij de patiënt overtuigd is dat het middel werkt. Dit is het grote verschil tussen de placebo en het echte medicijn. Die werken ook zonder dat de patiënt er weet van heeft. Vanaf 1950 werden placebo’s gebruikt om medicijnen objectief te kunnen testen. Het dubbelblind placebogecontroleerde onderzoek werd in 1970 de standaard waaraan onderzoekers zich moesten houden. Bij zo’n onderzoek is het de bedoeling dat noch de arts als de patiënten weten of er een placebo wordt gegeven. Op deze manier kan je factoren zoals lichaamshouding uit het onderzoek verwijderen.
Door steeds betere methoden voor hersenonderzoek is gebleken dat placebo’s werken. Soms zelfs beter dan “echte” medicijnen. Veel medicijnen uit het verleden bleken hoofdzakelijk ook op het placebo-effect berust. Onderzoekers van de universiteit van Californië konden door middel van QEEG het placebo-effect zichtbaar maken. QEEG registreert van bepaalde hersengebieden de doorbloeding, waarvan men denkt dat ze minder actief zijn bij depressie.
“Men vergeleek de behandeling van een groep van 52 depressieve patiënten. De ene helft van de groep kreeg een actief antidepressivum en de helft kreeg een placebo. In negen weken werden er bij alle patiënten vijf keer een QEEG gemaakt. Bij allebei de groepen namen de depressie-scores evenveel af. Het meest opvallende was, dat de met placebo behandelde patiënten vooral een versterkte doorbloeding gaven te zien in de prefrontale schors. Bij de met het werkzame antidepressivum behandelde groep zagen de onderzoekers juist een verminderde doorbloeding”1. Uit een andere studie is gebleken dat mensen die een placebo hebben genomen en verwachten beter te worden van hun kwaal, dopamine aanmaken. Dit is een chemische boodschapper dat een bericht overbrengt aan het beloningssysteem in het brein. Dopamine is op zichzelf geen pijnstillende stof. Ook is gebleken dat de hersenen meer endorfine aanmaakt als je beterschap verwacht door de placebo. Endorfine werkt tegen pijn, en is noodzakelijk voor het aanmaken van dopamine. Deze onderzoeksresultaten zijn tot stand gekomen door 2 verschillende studies. De eerste werd met een PET-scanner getest om het verloop van dopamine te bekijken. Hierbij dacht groep 1 dat ze een echt medicijn kregen terwijl ze eigenlijk een placebo kregen. En dacht groep 2 dat ze een placebo kregen wat ook echt zo was. Bij onderzoek 2 werd er gebruik gemaakt van MRI-scanners. Terwijl de proefkonijnen een spelletje speelden dat inwerkte op hun beloningssysteem, hield de scanner hen in de gaten. Die resultaten werden dan naast het andere onderzoek gelegd.
Uit deze onderzoeken is gebleken dat de hersenen zich aanpassen aan de verwachting.

Afbeelding van de hersenscan. De gele kleur betekent minder activiteit en de rode meer activiteit.
Werkt een placebo ook als je weet dat je een placebo neemt?
Dit is nog niet vastgesteld. Men gaat er vanuit dat het waarschijnlijk niet zo is. Dit wordt echter niet bevestigd door enkele Amerikaans onderzoekers van de universiteit van Harvard en hun experiment. Zij hebben een experiment gevoerd waarbij een groep van 80 mensen met spastische darmklachten in tweeën werd gesplitst. De ene helft kreeg geen behandeling. En de andere helft kreeg duidelijk een placebo(dit stond op de potjes en op de pillen). Tot verbazing van de wetenschappers hadden 59% van de tweede helft met de duidelijk toegediende placebo na 3 weken geen last meer van de klachten. Hiertegenover staan 35% van de patiënten van de eerste helft die geen behandeling kregen. Men veronderstelde hieruit dat niet alleen het placebo-effect een positieve invloed heeft, maar dat ook het uitvoeren van de medische behandeling. Echter valt hier nog geen conclusie aan te hangen doordat de onderzochte groep nog niet groot genoeg was. Men pleit voor een vervolgonderzoek.
Wat zijn de nadelen als je gebruikt maakt van een placebo?
Hierover kunnen we kort en bondig zijn. De volgende nadelen kunnen kleven aan de placebo.
1. Er bestaat het risico dat een noodzakelijke therapie te laat wordt gegeven.
2. Ze zijn niet goed te voorspellen, de ene keer werkt het wel en de andere keer niet.
3. Bij gebruik van een placebo wordt de werkelijke oorzaak van ziekten niet weggenomen.